Zoeken

Nieuwsbrief

Nat. Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit trekt bouw Hoog Catharijne vlot

Luchtkwaliteit wordt nog minder een struikelblok voor ruimtelijke projecten. Dit volgt uit een recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 14 april 2010 over de vrijstelling en bouwvergunning voor een winkel- en appartementencomplex aan het Vredenburgplein. Dit is één van de eerste uitspraken van de hoogste bestuursrechter waarin het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit aan de orde is.

Op 1 augustus 2009 is het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) in werking getreden. Dit door de Europese Commissie goedgekeurde programma bevat compenserende maatregelen voor ruimtelijke projecten die bijdragen aan luchtverontreiniging en staat aan de basis van het uitstel dat Nederland heeft gekregen om de Europese normen voor luchtkwaliteit te halen. Tegen dit programma zelf kan geen rechtsbescherming worden aangewend. Echter, zoals de Afdeling heeft geoordeeld in haar uitspraak van 30 maart 2010 staat dat niet in de weg aan de mogelijkheid om het NSL in een concrete zaak te toetsen aan de eisen van de Wet milieubeheer.

Voordat ik de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: "de Afdeling") bespreek, schets ik kort de hoofdlijn van het wettelijk kader.

In situaties waarin een ruimtelijk project is voorzien in een gebied waarin de kwaliteitsnormen voor luchtkwaliteit (dreigen te) worden overschreden, hoeft luchtkwaliteit op basis van artikel 5.16 van de Wet milieubeheer geen belemmering voor medewerking aan het project te vormen in het geval dat:

  • het project - al dan niet per saldo - niet tot een verslechtering of tot een verbetering van de luchtkwaliteit leidt;
  • het project niet in betekenende mate bijdraagt aan de luchtverontreiniging;
  • het project is opgenomen in het NSL.

Een project draagt niet in betekenende mate bij als de toename van de concentratie stikstofdioxide en/of fijn stof met niet meer dan 3% van de jaargemiddelde waarde toeneemt. Dit kan worden vastgesteld op basis van onderzoek, maar kan ook worden aangenomen voor categorieën van gevallen die zijn vastgelegd in het Besluit niet in betekenende mate bijdragen (Stb. 2007 , 440). Projecten die zijn opgenomen in het NSL zijn te vinden in de bijlagen bij het besluit van 30 juli 2009 tot vaststelling van het NSL. Via een in de Wet milieubeheer beschreven meldingsprocedure kunnen projecten aan het vastgestelde programma worden toegevoegd.

In mei 2008 verleende het college van burgemeester en wethouders van Utrecht vrijstelling en bouwvergunning voor nieuw winkel- en appartementencomplex aan het Vredenburgplein. In de daarop volgende procedure tegen het bouwplan is een belangrijk geschilpunt of de luchtkwaliteit al dan niet in betekenende mate zou bijdragen aan luchtverontreiniging. De rechtbank Utrecht oordeelde in eerste aanleg dat het project niet in betekenende mate bijdraagt aan de concentratie stikstofdioxide en verklaarde de daartegen ingestelde beroepen ongegrond.

De Afdeling komt tot een ander oordeel en acht een aantal uitgangspunten van het onderzoek naar luchtkwaliteit onvoldoende aannemelijk gemaakt, hetgeen leidt tot een vernietiging van de rechtbankuitspraak en van de beslissing op bezwaar.

Vervolgens kijkt de Afdeling - in het kader van finale geschillenbeslechting - of er aanleiding is zelf in de zaak te voorzien. Die aanleiding is er en wordt gevonden in het NSL.

Het bouwplan is onderdeel van het project "Utrecht Ontwikkeling Stationsgebied" en dat brengt mee dat de negatieve gevolgen van dit project - ook volgens de Afdeling - kunnen worden geacht te zijn ondervangen met compenserende maatregelen in de agglomeratie Utrecht. Deze maatregelen omvatten onder meer het inrichten van autoluwe gebieden en het weren van zwaar vrachtverkeer. Hoewel de effecten van de in het NSL opgenomen maatregelen niet met zekerheid zullen zijn vast te stellen, acht de Afdeling zonder omhaal van woorden voldoende aannemelijk dat tijdig aan de normen kan worden voldaan. De Afdeling verwijst daartoe naar het NSL zelf, waarin is overwogen dat de maatregelen "van dien aard zijn dat binnen voormelde termijnen aan de grenswaarden voor stikstofdioxide en zwevende deeltjes zal worden voldaan". Omdat de compenserende maatregelen onderdeel uitmaken van het NSL, hoeft het college van burgemeester en wethouders niet inzichtelijk te maken welke compenserende maatregelen in dit geval aan de orde zijn. Evenmin acht de Afdeling het noodzakelijk dat de compenserende maatregelen worden getroffen op het moment dat het bouwplan wordt verwezenlijkt. Bepalend is of de norm op het in de Europese regelgeving voorgeschreven tijdstip wordt gehaald. De Afdeling verklaart de bezwaren vervolgens zelf voorziend ongegrond, zodat de vrijstelling en bouwvergunning voor dit onderdeel van Hoog Catharijne onherroepelijk worden.

Deel dit via:   
linkedin facebook twitter email
Sjoerd van den Ende

Tel: +31 20 5506 873
E-mail: sjoerd.van.den.ende@kvdl.nl

Bekijk ons netwerk op

linkedin