Gondelaffaire - Gemeenteraadslid mag ex-wethouder Delft van corruptie beschuldigen
Een bespreking van het arrest Baljé / Stoelinga van het
Gerechtshof Den Haag d.d. 16 maart 2010
Delfts gemeenteraadslid Stoelinga (voormalig Leefbaar Delft, nu
Onafhankelijk Delft) beschuldigde oud VVD-wethouder Baljé van
corruptie naar aanleiding van belastende beeld- en geluidopnames
uit 2004 van een telefonerende Baljé. De beelden beslaan in totaal
bijna 4 uur. Hier is een fragment te vinden. Baljé daagde
Stoelinga, Leefbaar Delft en degene die de opnamen had gemaakt voor
de rechter en eiste een forse schadevergoeding.
Vrijheid
van meningsuiting in het politieke debat
Het Hof Den Haag heeft zich in de bodemzaak op
16 maart 2010 over de zaak uitgesproken. Het
Hof geeft ruim baan aan de vrijheid van meningsuiting en
benadrukt in het bijzonder het grote belang daarvan in de
politieke arena.
De vrijheid van meningsuiting is niet absoluut, maar beperkingen
en sancties moeten door de rechterlijke macht met de grootst
mogelijke terughoudendheid worden toegepast, aldus het Hof:
"In een democratisch systeem moet het openbaar bestuur
immers nauwlettend kunnen worden gevolgd door de legislatieve of de
rechtsprekende macht, alsmede door de pers en de publieke opinie.
Dit betekent dat een openbaar bestuurder zich heftiger kritiek moet
laten welgevallen dan een burger. Het politieke debat moet in
beginsel op het scherpst van de snede gevoerd kunnen
worden."
In het geheim opgenomen beelden -
feiten
Op de beeld- en geluidopnames, gemaakt door restauranteigenaar
D., is te horen dat Baljé belt met zijn toenmalige
collega-wethouder in de Gemeente Den Haag, Verkerk (de huidige
burgemeester van Delft). Baljé vraagt Verkerk of de gemeente Den
Haag geïnteresseerd is in een stuk grond van een kennis van hem, de
Delftse vastgoedhandelaar Zegwaard. Op de beelden lijkt Verkerk dit
te bevestigen. Vervolgens belt Baljé met Zegwaard en adviseert hem
onder meer: "Ze willen het heel graag hebben. Je moet
gewoon ehh voluit gaan. Dat weet jij niet, dat heb ik jou niet
verteld. En die paar ton die je daarop verdient, die stop je in
mijn campagne, afgesproken? Dan gaan we dat doen."
Ook speelt Baljé in het telefoongesprek met Verkerk
vertrouwelijke informatie door over de keuze van de
vertrouwenscommissie met betrekking tot de aanstaande
burgemeestersbenoeming, waarvoor Verkerk toen de belangrijkste
kandidaat was. Het Hof bevestigt dat deze beschuldiging voldoende
feitelijke basis heeft.
Restauranteigenaar D. stelt dat hij de opnamen per ongeluk heeft
gemaakt, maar wel bewust heeft bewaard. D. stelt dat Baljé hem
subsidie had toegezegd voor zijn project om gondels in de grachten
van Delft te exploiteren. Toen deze subsidie niet door leek te
gaan, heeft D. Baljé over de bandopnames verteld en deze naar
buiten gebracht. Na een eerdere afwijzing door de gemeente heeft D.
uiteindelijk toch een bedrag van € 26.000 voor zijn gondelproject
ontvangen. De ambtenaren die de subsidie aan D. verstrekken hebben
verklaard de wethouder te hebben geadviseerd dat de subsidie
volgens de regels niet verstrekt kon worden. Ze zeggen onder druk
te zijn gezet door de wethouder om toch subsidie te verlenen. De
wethouder ontkent dat.
Corruptie-beschuldiging voldoende
steun in de feiten
Het Hof oordeelt dat de door Stoelinga geuite verdenking van
corruptie voldoende steun vindt in de feiten. De term
"corruptie" hoeft bovendien niet noodzakelijkerwijs als
strafrechtelijk verwijtbaar handelen te worden beschouwd, maar kan
worden gezien als een politiek oordeel van een lid van de oppositie
in de zin van niet integer optreden van een politiek bestuurder.
Het Hof overweegt dat Stoelinga "in redelijkheid van
mening [kon] zijn dat sprake was van een misstand van zodanige
ernst, dat deze niet alleen in het publieke debat maar ook, gelet
op het algemeen belang bij de bekendheid daarmee, publiekelijk aan
de orde gesteld diende te worden op de wijze en in de bewoordingen
als is geschied".
Dat de inhoud, bewoordingen en toonzetting van Stoelinga's
uitingen als provocerend kunnen worden ervaren, maken deze volgens
het Hof nog niet onrechtmatig. De vrijheid van meningsuiting,
neergelegd in artikel 10 EVRM, omvat immers mede de vrijheid om in
het politieke debat uitlatingen doen die 'offend, shock or
disturb'.
Uitingsvrijheid oppositielid juist van
belang als meerderheid tegen hem is
Het Hof maakt ook korte metten met het verweer van Baljé, waar
de rechtbank nog in mee was gegaan, dat Stoelinga in ieder geval
zijn beschuldigingen had moeten staken nadat een meerderheid van de
gemeenteraad had uitgesproken dat het een schande was dat Stoelinga
en Leefbaar Delft de oud-wethouder van corruptie hadden
beschuldigd. Het Hof overweegt: "Ook (of wellicht zelfs
juist) wanneer de meerderheid een andere mening is toegedaan, mag
een lid van de oppositie een bepaalde kwestie in beginsel aan de
kaak blijven stellen".
Openbaarmaking opnames
onrechtmatig - gebruik door klokkenluider rechtmatig
Het Hof oordeelt wel dat restauranteigenaar D. onrechtmatig
jegens Baljé heeft gehandeld door het openbaar maken van de banden,
omdat hij - anders dan Stoelinga die in het algemeen belang
handelde - kennelijk een ander doel, namelijk het alsnog krijgen
van subsidie, voor ogen had. Voor journalisten is belangrijk dat
het feit dat D. fout zat met het maken van de opnames, niet
betekent dat diezelfde beelden niet kunnen helpen, en als bewijs
worden toegelaten, ter onderbouwing van beschuldigingen op basis
van die beelden.
Kijk voor meer achtergrondinformatie
hier,
hier en
hier voor berichtgeving over deze zaak in
het AD en
hier voor een artikel in de Delftse
Post.
Gemeenteraadslid Martin Stoelinga werd bijgestaan door
Jens van den Brink en
Reindert van der Zaal (Kennedy Van der
Laan).