Nieuwe vrijstellingsverordening van toepassing in de verzekeringssector
Onlangs is de nieuwe groepsvrijstellingsverordening van de
Europese Commissie voor bepaalde afspraken in de verzekeringssector
(Verordening 267/2010, hierna: de Verordening) in werking getreden.
Deze Verordening vervangt een verordening uit 2003. In dit artikel
bespreken we kort de belangrijkste onderwerpen van de nieuwe
Verordening en de verschillen met de
oude.
Mededingingsrechtelijk kader
In principe zijn afspraken tussen ondernemingen die de
mededinging beperken niet toegestaan op grond van het kartelverbod
dat in artikel 101 lid 1 van het Verdrag van de Werking van de EU
(hierna: VWEU) en in het Nederlandse equivalent artikel 6 van de
Mededingingswet is opgenomen. Als echter aan de voorwaarden genoemd
in het derde lid van de respectievelijke artikelen is voldaan,
kunnen de ondernemingen een beroep op een vrijstelling doen. Kort
gezegd gaat het om de volgende cumulatieve voorwaarden: (i) de
overeenkomsten moeten bijdragen aan bepaalde verbeteringen, (ii)
daarvan moet een billijk aandeel de gebruikers ten goede komen,
(iii) er worden alleen onmisbare beperkingen opgelegd; en (iv) de
mededinging mag niet voor wezenlijk deel uitgeschakeld kunnen
worden.
Ter uitwerking van artikel 101 lid 3 VWEU is een aantal
groepsvrijstellingsverordeningen door de Commissie vastgesteld die
tot doel hebben om voor bepaalde afspraken aan te geven wanneer
deze niet merkbaar de mededinging beperken, dan wel aan de
voorwaarden voor een automatische vrijstelling van het verbod
voldoen. De onderhavige Verordening is een voorbeeld van een
dergelijke groepsvrijstellingsverordening.
Inhoud nieuwe
Verordening en vergelijking met de oude verordening
De Verordening is na een lange voorbereidingstijd en een
consultatieronde op 24 maart 2010 door de Commissie vastgesteld en
op 1 april jl. in werking getreden. De looptijd is 7 jaar. De oude
verordening voor de verzekeringssector was geldig tot 31 maart
2010.
In de oude verordening werden de volgende vormen van
samenwerking in de verzekeringssector vrijgesteld van het
kartelverbod:
- de keuring en goedkeuring van technische specificaties voor
veiligheidsvoorzieningen;
- de vaststelling van niet-bindende
standaardpolisvoorwaarden;
- de oprichting en beheer van co-assurantiepools en
co-herassurantiepools voor bepaalde risico's; en
- de gemeenschappelijke berekening van risico's en het
gemeenschappelijk onderzoek naar toekomstige risico's.
De eerste twee vormen van samenwerking zijn in de nieuwe
Verordening niet langer vrijgesteld. Dit omdat de Commissie van
mening is dat deze vormen van samenwerking niet specifiek zijn voor
de verzekeringssector. Dit betekent echter niet dat deze vormen
altijd verboden zijn. Zij zullen wellicht niet altijd merkbaar de
mededinging beperken en ook is het mogelijk dat voldaan is aan de
voorwaarden van de hierboven genoemde vrijstelling. Aanwijzingen
voor de beoordeling van afspraken tussen concurrenten kunnen
gevonden worden in de Richtsnoeren van de NMa over Samenwerking
tussen ondernemingen en de EU Richtsnoeren voor horizontale
afspraken. Hieronder bespreken wij de inhoud van de nog steeds op
grond van de Verordening vrijgestelde vormen van samenwerking en de
wijzigingen hierin ten opzichte van de oude
verordening.
Pools
Co-assurantiepools en co-herassurantiepools (hierna: pools) voor
bepaalde risico's blijven onder strikte, in de Verordening
genoemde voorwaarden toegestaan. Dit ondermeer om te garanderen dat
grote risico's, zoals nucleaire en terrorisme risico's, die
individuele verzekeraars niet zelf kunnen dragen verzekerbaar zijn.
Twee specifieke typen pools zijn in bepaalde gevallen toegestaan.
Ten eerste vallen pools die zien op echt nieuwe risico's - dit
zijn in principe slechts risico's die voorheen niet bestonden -
gedurende een periode van drie jaar onder de vrijstelling. De
Commissie is van mening dat samenwerking via pools ook indien er
geen sprake is van nieuwe risico's voordelen kan opleveren,
zoals het opdoen van ervaring, kostenbesparingen en lagere premies
door gemeenschappelijke herverzekering onder gunstige voorwaarden.
Daarom zijn, ten tweede, ook pools toegestaan indien het totale
marktaandeel van de deelnemende ondernemingen binnen en buiten de
pool niet hoger is dan 20% voor verzekeringspools en 25% voor
herverzekeringspools. In beide gevallen geldt de vrijstelling
slechts indien ook aan zeven meer algemene voorwaarden is
voldaan.
Het belangrijkste verschil met de oude verordening ziet op de
wijze van berekening van het marktaandeel in verband met de voor de
vrijstelling geldende marktaandeeldrempels. In de oude verordening
werd dit bepaald aan de hand van de door de deelnemende
ondernemingen in het kader van de verzekeringspool ingebrachte
verzekeringsproducten. In de nieuwe Verordening moet ook rekening
gehouden worden met de omzet die door de deelnemers buiten de pool
om op de relevante markt wordt behaald. Dit is in lijn met de in
het mededingingsrecht gebruikelijke wijze van berekening van het
marktaandeel.
Berekening van en onderzoek naar
risico's
Samenwerking op het gebied van berekening van en onderzoek naar
risico's is volgens de Commissie cruciaal voor een goede
prijsberekening en noodzakelijk om de verzekeringsmarkt goed te
laten functioneren. Het zou de concurrentie tussen ondernemingen
juist bevorderen. Daarom is het onder voorwaarden toegestaan om
overeenkomsten te sluiten die zien op gemeenschappelijke optelling,
verspreiding van de berekening van bepaalde gemiddelde kosten in
het verleden en tabellen over bijvoorbeeld de frequentie van
bepaalde ziekten. Tevens wordt een vrijstelling verleend voor het
gemeenschappelijk uitvoeren van bepaalde onderzoeken, zoals over de
omvang van toekomstige schadeclaims. Het bovenstaande komt overeen
met de oude verordening. Wel heeft de Commissie bij de verlenging
van de vrijstelling een aantal belangrijke wijzigingen
aangebracht:
- de term "gemeenschappelijke berekeningen" is
vervangen door "gemeenschappelijke compilaties"; deze
term kan verschillende soorten berekeningen omvatten;
- er is verduidelijkt dat uitwisseling van informatie alleen
is toegestaan wanneer dit noodzakelijk is; en
- ook consumentenverenigingen en klantenorganisaties moeten
toegang kunnen krijgen tot gedeelde gegevens, tenzij redenen in
verband met de openbare veiligheid dit beletten.
Afsluitende opmerkingen
Zoals vermeld is de nieuwe Verordening op 1 april 2010 in
werking getreden. Voor overeenkomsten die toegestaan waren op grond
van de oude verordening geldt dat deze pas per 1 oktober 2010
dienen te voldoen aan de eisen gesteld in de nieuwe Verordening om
vrijgesteld te blijven.
Indien ondernemingen actief in de verzekeringsbranche toch
mededingingsbeperkende overeenkomsten sluiten die niet aan de in de
Verordening genoemde eisen voldoen en ook niet onder één van de
andere uitzonderingen op het kartelverbod vallen, lopen zij het
gevaar een mogelijk hoge boete opgelegd te krijgen door de
mededingingsautoriteiten. De ondernemingen dienen zelf aan de hand
van de genoemde Richtsnoeren te beoordelen of de gekozen vorm van
samenwerking wel of niet is toegestaan. Dit is niet altijd
eenvoudig.