Nederlandse rechter mag online kansspelen Engelse Ladbrokes verbieden
Hof van Justitie EU 3 juni 2010,
C-258/08 (Lotto / Ladbrokes)
Nederland kent een zeer restrictief kansspelbeleid. Het
aanbieden van kansspelen in Nederland mag alleen met een vergunning
op basis van de Wet op de Kansspelen (WoK). Datzelfde geldt voor
kansspelen op internet, bijvoorbeeld als de gokwebsite op
Nederlandse bezoekers is gericht of hiervoor in Nederland wordt
geadverteerd. Hoewel dat beleid is bedoeld ter bescherming van de
consument en met name minderjarigen, proberen Nederlandse
vergunninghouders zoals De Lotto daarmee al jaren buitenlandse
online kansspelaanbieders van de Nederlandse markt te weren,
waaronder het Engelse Ladbrokes. Tot nu toe steeds met
succes.
Achtergrond van het geschil
Ladbrokes biedt op haar website sportgerelateerde kansspelen aan,
onder meer aan Nederlanders. De rechtbank Arnhem oordeelde, na een
zeer
kritisch tussenvonnis, uiteindelijk bij
vonnis van 31 augustus 2005 dat De Lotto
hierdoor schade lijdt en heeft Ladbrokes blokkeringsmaatregelen
opgelegd om het onmogelijk te maken voor Nederlanders op
Ladbrokes' website te gokken. Die uitspraak werd in hoger
beroep door het Hof Arnhem bij
arrest van 17 oktober 2006 bekrachtigd.
Ladbrokes heeft daar beroep in cassatie tegen ingesteld bij de
Hoge Raad. De Hoge Raad heeft in een
uitspraak van 13 juni 2008 prejudiciële
vragen gesteld aan het Hof van Justitie EU (Hof) omdat het
verbieden een dienst van een andere EU lidstaat wellicht in
strijd is met het vrij verkeer van diensten, zoals verboden door
oud artikel 49 EG-verdrag (thans artikel 56
VwEU).
Vrij verkeer van diensten
Ladbrokes heeft een geldige kansspelvergunning in Engeland, maar
mag deze diensten op last van de Nederlandse rechter niet aanbieden
in Nederland. Het Hof moest beantwoorden of dit een terechte
beperking is van het vrije diensten verkeer binnen Europa. Vorig
jaar deed het Hof al in een vergelijkbare Portugese zaak
(BWIN) uitspraak ten nadele van
kansspelaanbieders uit andere EU lidstaten. Jarenlang was er
veel discussie over dit onderwerp naar aanleiding van het
Gambelli-arrest van het Hof uit 2003. In de zaak Gambelli
oordeelde het Hof dat lidstaten slechts beperkt de ruimte heeft om
beperkende maatregelen op te leggen aan kansspelaanbieders uit
andere EU lidstaten. De nationale rechter moet in de toets of de
maatregelen gerechtvaardigd zijn het volgende meenemen: de
maatregelen moeten zonder discriminatie worden toegepast, zij
moeten geschikt zijn om het nagestreefde doel te bereiken en mogen
niet verder gaan dan noodzakelijk is. Verder merkte het Hof op dat
een lidstaat niet enerzijds consumenten kan aansporen om deel te
nemen aan loterijen, kansspelen en weddenschappen om de schatkist
te spekken en anderzijds een beroep kan doen op de maatschappelijke
orde ter rechtvaardiging van de onderhavige beperkende maatregelen.
De lidstaten zijn vrij om de doelstellingen van algemeen belang te
bepalen, maar de maatregelen die zij in dit verband treffen moeten
wel consequent gericht zijn op deze doelstellingen. Daarmee bevat
het arrest een zgn. hypocrisietoets. Lees
hier meer over het Gambelli-arrest.
In deze Lotto / Ladbrokes zaak staat het volgens het Hof vast
dat het weren van gokdiensten uit EU lidstaten in Nederland een
beperking oplevert van het vrij verrichten van diensten. Een
dergelijke beperking kan echter worden gerechtvaardigd door het
doel van de regeling, bijvoorbeeld in geval van
consumentenbescherming, bestrijding van fraude of het vermijden van
maatschappelijke problemen.
Het is vervolgens ook aan de nationale rechter om de
hypocrisietoets te hanteren: "Het staat aan de verwijzende
rechter om na te gaan of de illegale activiteiten met betrekking
tot weddenschappen in de betrokken lidstaat een probleem kunnen
vormen, dat door een uitbreiding van de toegestane en
gereglementeerde activiteiten zou kunnen worden ondervangen, en of
deze uitbreiding door haar omvang niet onverenigbaar is met de
doelstelling, gokverslaving te beteugelen".
Daarbij is het een belangrijk uitgangspunt dat het via internet
aanbieden van kansspelen niet binnen de EU is geharmoniseerd. Dat
betekent dat lidstaten hun eigen regels kunnen hanteren. Verder
overweegt het Hof dat online kansspelen een ernstiger risico op
fraude door aanbieders met zich mee brengen omdat er geen direct
contact is tussen de consument en de
aanbieder.
Conclusie
Deze uitspraak betekent niet per sé dat Ladbrokes moet worden
geweerd uit Nederland, maar dat de Nederlandse rechter vrij is
daarover te oordelen. Hoewel de hypocrisietoets niet van tafel is,
neemt het Hof daar met deze uitspraak wel meer afstand van door dit
ook aan de nationale rechter over te laten. Het Hof geeft nooit een
feitelijk oordeel, maar deze uitspraak betekent dat de nationale
rechter zelf moet oordelen over nationaal beleid en mogelijke
marktafscherming binnen de EU. Het ziet er in ieder geval niet goed
uit voor Ladbrokes: de Hoge Raad geeft immers ook geen feitelijk
oordeel en het oordeel in meerdere instanties, onder andere van het
Hof Arnhem, was dat Ladbrokes tegenover De Lotto onrechtmatig
handelt door in strijd met de Wok in Nederland kansspelen te
organiseren of de deelname daaraan te bevorderen, zonder dat
Ladbrokes over een Nederlandse vergunning beschikt. En dat De Lotto
als vergunninghouder zich mag beroepen op de rechtvaardigheid van
de aan haar vergunning ten grondslag liggende nationale
wetgeving.