Werknemer ook na functiewijziging gebonden aan concurrentiebeding
Sinds de Hoge Raad op 5 januari 2007 zich in een tweetal
arresten heeft uitgesproken over de geldigheid van een
concurrentiebeding na een functiewijziging is het voor een
werknemer een stuk lastiger geworden om onder een
concurrentiebeding uit te komen. Tot 5 januari 2007 kon een
werknemer een concurrentiebeding door de rechter ongeldig laten
verklaren, als hij kon aantonen dat zijn functie ingrijpend was
veranderd sinds het afsluiten van het concurrentiebeding en zonder
dat dat concurrentiebeding opnieuw schriftelijk was herbevestigd.
Met zijn recente arresten heeft de Hoge Raad deze regels
aangescherpt.
De hoofdregel die voorheen gold was afkomstig uit een arrest van
de Hoge Raad uit 1979 (Brabant/Van Uffelen, NJ 1979, 467). Daarin
werd bepaald dat het concurrentiebeding opnieuw schriftelijk
overeengekomen moet worden indien een functie ingrijpend is
gewijzigd en de wijziging niet voorzienbaar was, bijvoorbeeld als
gevolg van een promotie.
De recente uitspraken betreffen twee werknemers van een
accountantsbedrijf in Leeuwarden. Beide werknemers hebben een
concurrentiebeding en beiden spannen na uitdiensttreding een
procedure aan om een verklaring voor recht te verkrijgen dat het
concurrentiebeding nietig is, dan wel dat het moet vernietigd omdat
de functie ingrijpend is gewijzigd. In het geval van de ene
werknemer betreft de wijziging een promotie, in het geval van de
andere werknemer een demotie.
In beide arresten komt de Hoge Raad tot de conclusie dat de
enkele constatering dat er sprake is van een ingrijpende wijziging
in de functie onvoldoende is om te concluderen dat het
concurrentiebeding haar werking heeft verloren. Volgens de Hoge
Raad dient de rechter namelijk ook nog te onderzoeken of deze
ingrijpende wijziging met zich meebrengt dat het concurrentiebeding
daardoor ook aanmerkelijk zwaarder is gaan drukken. Pas als aan
beide voorwaarden (ingrijpende functiewijziging én daardoor
aanmerkelijk zwaarder gaan drukken) is voldaan, is het
concurrentiebeding nietig. Hierbij heeft de Hoge Raad ook nog de
mogelijkheid gegeven dat een concurrentiebeding gedeeltelijk
vernietigd kan worden.
Tips:
- Werknemers moeten zich realiseren dat zij - meer nog dan
voor 5 januari 2007 - ook na het ingrijpend wijzigen van de
functie waarvoor het concurrentiebeding was overeengekomen,
gebonden zijn aan het beding.
- Voor werkgever is het desondanks aan te raden om na een
functiewijziging een nieuw concurrentiebeding schriftelijk
overeen te komen, om dit soort onduidelijkheid te
voorkomen.