Recente ontwikkelingen vennootschapsrecht
Geen notariële akte voor BV met standaard statuten
De eerste wijziging ziet op het afschaffen van de verplichting om
voor het oprichten van een BV met eenvoudige statuten langs de
notaris te gaan. Minister Verhagen van het ministerie Economische
Zaken, Landbouw en Innovatie bereidt samen met het ministerie van
Veiligheid en Justitie een wetsvoorstel voor om de verplichte
notariële akte af te schaffen voor dit type vennootschap. Het
streven is om dit voorstel komend jaar naar de Tweede Kamer te
sturen. De reden voor de afschaffing is gelegen in het beperken van
de kosten voor ondernemers.
Naast het benodigd zijn van een notariële akte moeten
ondernemers nu ook nog een minimumkapitaal storten van
achttienduizend euro voordat hun BV kan worden opgericht. Ook deze
verplichting wordt afgeschaft. Een wetsvoorstel daartoe is in
behandeling bij de Eerste Kamer. Het ministerie stelt dat door de
beide maatregelen de administratieve kosten van het oprichten van
een BV dalen met 90 procent.
Let wel, indien de oprichters willen afwijken van standaard
statuten, zal een gang naar de notaris wel nodig zijn. Toch past
het voorstel van Minister Verhagen bij het streven om de wetgeving
rondom de BV te flexibiliseren en te vereenvoudigen.
Wetsvoorstellen personenvennootschappen binnenkort
ingetrokken
Het wijzigen van de regelgeving met betrekking tot
personenvennootschappen, die al dateert uit 1838, is (weer) niet
gelukt. Personenvennootschappen zijn vennootschappen zonder
rechtspersoonlijkheid, te weten de maatschap, de vennootschap onder
firma en de commanditaire vennootschap. Bij brief d.d. 5 september
jl. heeft Minister Opstelten van Veiligheid en Justitie de Eerste
Kamer laten weten dat hij voornemens is de twee wetsvoorstellen die
tot invoering van nieuwe regels voor personenvennootschappen hadden
moeten leiden, in te trekken. De Minister is- na zware kritiek
vanuit onder meer VNO-NCW en MKB Nederland – tot de conclusie
gekomen dat de primaire doelstelling van de wetgeving – het
faciliteren van ondernemers – in beide wetsvoorstellen onvoldoende
tot zijn recht komt. Er blijkt bij ondernemers volgens de Minister
geen behoefte te bestaan aan de nieuwe personenvennootschappen en
de ondernemers vrezen de ermee gepaard gaande kosten.
Al in 1972 is een poging gedaan om de verouderde wetgeving aan
te passen maar dit leidde toen niet tot een wetsvoorstel. De
Minister heeft in zijn brief niet aangegeven of hij alternatieve
wetgeving met betrekking tot personenvennootschappen overweegt. Tot
dan blijft het huidige stelsel intact: met veel vrijheid om de
vennootschap in te richten en onderlinge afspraken te maken alsmede
met de belemmeringen die de personenvennootschap kent, zoals het
gebrek aan rechtspersoonlijkheid waardoor de vennootschap geen
eigenaar kan zijn van bezittingen en deze dus ook niet zelf kan
overdragen.